Waarom financiële instellingen nu wél serieus naar crypto kijken (en waarom dat voor jou iets betekent)
Lange tijd werd de cryptomarkt vooral bevolkt door early adopters, traders en mensen die hoopten op het volgende 100x-project. Maar de afgelopen maanden is er iets fundamenteels veranderd. En dat kun je niet meer negeren.
Grote namen zoals BlackRock, Franklin Templeton en zelfs overheidsinstanties spreken zich steeds actiever uit over digitale assets. Niet langer als een exotische hobby van techneuten, maar als een serieus onderdeel van hun langetermijnstrategie.
Wat ze delen tijdens conferenties en panels is vaak veelzeggender dan de headlines die je op sociale media voorbij ziet komen. Dit is geen hype meer – dit is beleid.
Institutionele spelers kiezen positie
Op het Digital Asset Summit 2025 in New York kwamen leidinggevenden uit de financiële wereld samen. Tijdens een panel viel op hoe open ze zich uitspraken over crypto en blockchain.
Stablecoins en tokenisatie? Die staan inmiddels hoog op de agenda.
Zoe Cruz, CEO van Menea Financial Group, stelde het scherp: als institutioneel belegger zou je eigenlijk minimaal 2 tot 10 procent van je portfolio moeten toewijzen aan deze sector. Minder dan dat, of zelfs nul, is volgens haar juist riskanter.
Robbie Michnik van BlackRock beaamde dat. Voor het eerst voelen instellingen zich comfortabel om mee te doen – niet omdat het nu ineens trendy is, maar omdat de infrastructuur volwassen genoeg is geworden.
Van hype naar structuur
De reputatie van crypto verandert. We bewegen weg van de wereld van meme coins en NFT-hypes naar een volwassen ecosysteem waarin technologie en infrastructuur centraal staan.
De overgang naar een digitale financiële wereld is niet langer toekomstmuziek. Het is begonnen.
Kinderen en jongeren groeien op met digitale assets als de normaalste zaak van de wereld. Denk aan games, NFT’s, digitale punten en credits. Tegelijkertijd ontwikkelen overheden hun eigen digitale munten, en bouwen banken aan de technologie om daar een rol in te spelen.
De vraag is dus niet of we naar een digitale economie gaan – maar in welk tempo, en met hoeveel zeggenschap voor de gebruiker.
Het verschil in tijdshorizon
Wat steeds terugkomt in deze gesprekken is het verschil in hoe particulieren en instellingen denken.
Particulieren willen vaak snelle winsten. Ze kijken naar de korte termijn. Instellingen denken in jaren, soms decennia. Ze bouwen hun posities langzaam op, onder de radar. Niet omdat ze blind vertrouwen hebben, maar omdat ze het risico erkennen van níet instappen.
En daar zit een interessante paradox: wie wacht tot het veilig voelt, komt vaak te laat. Tegen de tijd dat het mainstream is, is het meeste rendement al weggegeven.
Wat betekent dit voor jou als ondernemer?
Ben je ondernemer met visie? Dan voel je waarschijnlijk dat hier iets fundamenteels aan het verschuiven is. Net als destijds met e-mail, internet of mobiel betalen. Eerst voelt het onwennig. Tot het ineens vanzelfsprekend is geworden.
Je hoeft geen DeFi-specialist te zijn om te zien dat financiële systemen aan het veranderen zijn. Maar het helpt wel om op tijd je plek te bepalen. Niet vanuit hype, maar vanuit strategie.
Tot slot
Wat me opvalt, is hoe direct instellingen nu communiceren. Ze zeggen letterlijk dat ze tokenisatie van echte activa voorbereiden. Dat ze werken aan digitale infrastructuren. En dat stablecoins straks de ruggengraat worden van nieuwe vormen van afwikkeling en betaling.
Dat zijn geen wilde plannen meer – dit zijn concrete stappen.
Dus de vraag is niet meer of crypto blijft. De vraag is: neem jij nu al positie in? Niet als trader, maar als ondernemer. Als iemand die begrijpt dat de grootste kansen ontstaan aan het begin – niet wanneer het veilig aanvoelt.
Wil je verder denken over wat dit voor jou kan betekenen? Stuur me gerust een bericht of plan een sparsessie in.

